Ziek
door Monique van Roosmalen

Om halfeen brengt een van de kinderen warm eten.
   „Wat hebben we vandaag?” roep ik wanneer de zaaldeur opengaat.
   „Rode soep met krenten.” Aan haar stem hoor ik dat het Gerda is.
   „O, bloedsoep met wratten, bedoel je.” Ik maak een geluid alsof
ik moet overgeven. Gerda doet of ze me niet gehoord heeft. Voorzichtig
zet ze het dienblad op mijn nachtkastje.
   „Wil je mijn wratten kopen?” vraag ik.
   „Hoezo, doe niet zo raar.” Gerda verschuift het dienblad, zodat
het precies in het midden van het kastje komt te staan.
   „Dat kan heel goed, hoor,” zeg ik. „Ik had een wrat op mijn hand
en die heb ik aan mijn ome Geert verkocht. We moesten samen
een Weesgegroetje bidden en daarna gaf hij me een stuiver. Na
een paar weken was mijn wrat weg, maar ik weet niet of mijn ome
Geert ’m nou heeft.”
   „Ik geloof je niet,”zegt Gerda. Ze draait zich om en loopt terug
naar de zaaldeur. Als ze weg is, sluip ik naar de wc om de soep door
te trekken.

© Monique van Roosmalen.
Fragment uit:  Monique van Roosmalen, Dankbare kinderen huilen niet. The House of Books, 2014.
 – roman; hoofdstuk „Ziek”.


N.B. Voor alle verhalen op deze webstek geldt dat iedere gelijkenis met bestaande personen en situaties alleen op toeval kan berusten.  




Naar overzichtspagina Schrijverskring Gyrinus Natator

Naar Verhalen (Dick van Zijderveld)

Naar de webstek van Dick van Zijderveld.


––––––––––––––––––––––––––––


© Monique van Roosmalen 2014