De lift
Dick van Zijderveld

Met een lichte schok stond de lift stil. De deuren gingen niet open. De lampjes van 3 en 4 brandden. De lift zat vast. Dit is het soort situatie waarin in films mensen in paniek raken, dacht ze. Maar ze was alleen in de grote lift. Rustig pakte ze de telefoon en meldde de receptie dat zij vastzat in de lift. Natuurlijk zou er snel iemand komen. De lift behoorde nu met noodankers vast te zitten. Geen enkele reden tot paniek. Gelukkig had ze een boek bij zich. Ze ging op de grond zitten, maakte het zich zo comfortabel mogelijk door haar jas als kussen te gebruiken en ging zitten lezen. De tijd verstreek. Drie hoofdstukken later schrok ze op door een metalen geratel. O – de lift. Waarschijnlijk waren ze bezig hem los te krijgen. Ze keek op haar horloge en schrok. Het was half zeven – normaal gesproken zou het kantoor al gesloten zijn. Weer klonk er geratel. Maar er gebeurde verder niets. Ze besloot de receptie nog eens te bellen, maar kreeg geen gehoor. Was er nog wel iemand in het gebouw? Werd het geratel, dat ze nu voor de derde keer hoorde, wel veroorzaakt door pogingen haar te bevrijden? Het werd warmer in de lift. Ze voelde haar hart bonzen. Zou ze de nacht moeten doorbrengen in een vastgelopen lift?
    Plotseling een schok. Het licht knipperde. Langzaam, haperend, kwam de lift in beweging. Stond stil. De deuren gingen open. De lift stond bij de derde verdieping, de vloeren ongelijk.
    „Sorry, dame”, zei een dikke man in overal. „We konden het ding niet loskrijgen. Kom d’r maar uit.”
    Ze stapte uit de lift.
    Achter haar stortte de lift met donderend geraas naar beneden.

© Dick van Zijderveld.

Dit verhaal heeft van 6-10-2005 t/m 25-11-2005 op het Open podium van Hernehim Cultuurpagina's gestaan.
(
www.hernehim.nl/cultuur.htm)

N.B. Voor alle verhalen op deze webstek geldt dat iedere gelijkenis met bestaande personen en situaties alleen op toeval kan berusten.




Naar pagina Verhalen

NAAR OPENINGSPAGINA

Naar de webstek van Dick van Zijderveld.


––––––––––––––––––––––––––––


© Dick van Zijderveld 2004, 2005