Gyrinus natans: niet zomaar een torretje

Ronald van Gelder
 
De faculteitsvereniging levenswetenschappen Gyrinus natans bestaat dit jaar 60 jaar en viert haar twaalfde lustrum. De succesvolle studievereniging van de Vrije Universiteit in Amsterdam – genoemd naar het kevertje, dat rondjes draait op vijvers en sloten spreekt studenten biologie en biomedische wetenschappen dus al jaren aan. Zoals haar naamgever de Gyrinus natans oftewel het Schrijvertje velen ook al jaren tot de verbeelding spreekt.
Ruim honderdvijftig jaar voor de oprichting van Gyrinus natans
in 1858 schreef de Vlaamse dichter Guido Gezelle (1830–1899) al over het krinklende winklende waterding met ’t zwarte kabotseken aan. Een goddelijk zinnetje, dat elke poĎzie-minnende sterveling uit zijn hoofd kent of zich op zijn minst wel herinnert.
Gezelle vroeg zich, geēntrigeerd door
het Schrijverke in zijn zogenaamde Dichtoefening af, wat het beestje precies op het water beschreef. Het antwoord: Wij schrijven, herschrijven en schrijven den heiligen Name van God! Een prachtige gedachte van de gelovige, fijnzinnige Vlaamse dichter.
Ook hedentendage blijven mensen gefascineerd door het watertorretje. Insekten hebben normaliter één paar ogen; bij Gyrinus natans is echter elk oog in tweeĎn gedeeld. Het bovenste gedeelte van elk oog kijkt boven de waterspiegel uit en ziet wat er zich daarboven afspeelt; het onderste deel van het oog kijkt onder water. Een evolutionair hoogstandje zonder weerga, dat het beestje nodig heeft om op en in het water te overleven. Maar tevens een inspirerende metafoor voor een Apeldoornse basisschool op christelijke grondslag
Het Schrijvertje geheten omdat de ene ooghelft gericht is op de aarde en de andere op de hemel. Een prachtig bedachte, toepasselijke  naam voor de basisschool.
Wat mij ten slotte intrigeert, is waarom Gezelle dit kevertje Gyrinus natans noemt, terwijl Linnaeus het beestje in 1758 Gyrinus natator noemde
de zwemmer, in plaats van de zwemmende kever. Een foutje van deze belezen, filosofisch en theologisch zeergeleerde man, die naar men zegt minstens 15 talen sprak? Zou zo maar kunnen. Of was hij in de war met het drijvend fonteinkruid (Potamogeton natans), het vlotvarentje (Salvinia natans), de wormsalamander (Typhlonectes natans) of een ander levend organisme met dezelfde achternaam? Ook goed mogelijk. Contamineerde hij per ongeluk de namen die Linnaeus (in 1758) en Brodie (in 1845) hadden gegeven: Gyrinus natator van Linnaeus en Xenogyrinus natans van Brodie? Misschien een dichterlijke vrijheid? Of speelde de religieuze dichter op creatieve wijze met de bijbelse naam Natan, die geschenk van God betekent of God heeft gegeven. Als dat laatste het geval is, is dat een prachtige vondst, volledig passend bij het Schrijverke dat steeds maar weer de naam van God herschrijft. Wie de verklaring weet, mag het zeggen.
Misschien dat we er op het dertiende lustrum van Gyrinus natans
160 jaar na de publikatie van Gezelle’s Schrijverke een minisymposium aan kunnen wijden. Ik ben stikbenieuwd naar de bevindingen.


RONALD VAN GELDER
, senior communicatieadviseur Vrije Universiteit Amsterdam, ter gelegenheid van het 60-jarig bestaan van de faculteitsvereniging Gyrinus natans. November 2013.


--------------------------



Terug naar Schrijverskring Gyrinus natator.
Naar het webdomein van Dick van Zijderveld.
 

––––––––––––––––––––––––––––––

 

©Ronald van Gelder (tekst)/Dick van Zijderveld (pagina), 2013